Volheid van genade

Volheid van genade,
die de schepping draagt.
Geliefde van de Vader,
geboren uit een maagd.
Is in de nacht verschenen,
Licht dat ons verlicht.
De glans van Gods genade,
die straalt van zijn gezicht

Onze hoop ligt in een kribbe;
deelt ons menselijk bestaan.
Wij knielen en aanbidden,
‘God met ons’ is zijn naam.

Volheid van genade,
die Gods glorie toont. 
De grootheid van de Vader
heeft onder ons gewoond.
Die zich voor ons vernedert,
legt zijn glorie af.
Zijn oordeel is genade, 
zijn kribbe wordt een graf.

Volheid van het leven,
bron van overvloed, 
genade ons gegeven; 
oneindig groot en goed!
o, vreugde van de Vader, 
Gods geliefde Zoon. 
Zijn liefde is genade, 
zijn kribbe wordt een troon.